U bent hier:Home Onderwerpen Familie en gezin Adoptie en pleegkinderen Pleegkinderen De rechtspositie van pleegkinderen
Kinderrechten gelden uiteraard ook voor pleegkinderen. In een hulpverleningsplan staat welke hulp een pleegkind krijgt en wat de plannen en doelen zijn. In dit plan staat ook of en hoe de familie bij de hulp wordt betrokken. Veel rechten van pleegkinderen hebben met dit plan te maken.
Pleegkinderen hebben er recht op te horen wat de beslissingen zijn die er over hen worden genomen en waarom. Bij kinderen van 12 jaar of ouder is het verplicht dat hulpverleners het hulpverleningsplan of voorgenomen veranderingen daarin met ze bespreken. Als het kind de vader of moeder niet (meer) ziet, heeft het recht op informatie over de ouders en familie.
Pleegkinderen van 12 jaar of ouder, hebben het recht alle rapporten te lezen die er over hen worden geschreven. Zij kunnen er ook een kopie van krijgen. Als een pleegkind jonger is dan 12 jaar, dan hebben de ouders of voogd het recht om de rapporten te lezen. Zij kunnen die met het pleegkind bespreken, maar zijn dat niet verplicht.
Pleegkinderen mogen altijd zeggen wat zij ergens van vinden en wat er volgens met hen zou moeten gebeuren. Dat betekent niet dat er altijd gebeurt wat zij willen. Het betekent wel dat er naar ze geluisterd moet worden. De hulpverlener is verplicht om minstens elk half jaar met het pleegkind van 12 jaar of ouder te praten over het hulpverleningsplan. Als het kind in het plan iets leest waar hij of zij het niet mee eens is, mag hij of zij dit zeggen. Deze mening komt dan ook in het rapport.
Niemand mag zonder toestemming de post of het dagboek van een pleegkind lezen. Hulpverleners mogen informatie over het pleegkind dat jonger is dan 16 jaar, aan de ouders geven. Bij pleegkinderen van 16 jaar of ouder mag dit alleen met hun toestemming. Pleegouders en hulpverleners mogen niet zomaar alles over het kind aan iedereen vertellen. Ze mogen wel zonder toestemming van het pleegkind informatie doorgeven aan andere hulpverleners.
Pleegkinderen hebben recht op contact met de ouders, broers en zussen, opa's en oma's. Ook contact met eerdere pleegouders is een recht van pleegkinderen.
Pleegkinderen hebben het recht om te klagen. Zij kunnen een klacht indienen als zij vinden dat de plaatser, de pleegzorgwerker of de pleegouders hen niet goed behandelen. In een folder van de hulpverleningsinstelling staat de procedure beschreven. De kinderrechtswinkel kan in eerste instantie proberen te helpen het probleem uit te praten.
Pleegkinderen die onder toezicht zijn gesteld, kunnen op bepaalde momenten een gesprek met de kinderrechter vragen. De kinderrechter moet kinderen om hun mening vragen wanneer zij 12 jaar of ouder zijn.